Basel 4

Basel 4 en Bazel 3.5 zijn informele benamingen voor een reeks voorstellen uit 2017 van het Basel comité voor de berekening van de hoeveelheid kapitaal die banken moeten aanhouden ten opzichte van het risico dat ze lopen. Basel 4 stelt ingrijpende nieuwe regels voor de weging van de kredietrisico’s (en operationele en marktrisico’s). Die weging is van belang voor de manier waarop banken hun kapitaalratio’s (‘buffers ’) berekenen.

Highlights

  • De Basel 4-voorstellen zijn bedoeld om de kapitaalposities en het kapitaalbeslag van banken internationaal beter vergelijkbaar te maken: hoeveel kapitaal hebben banken als ‘buffer’ en past die hoeveelheid kapitaal bij de risico’s van producten?

  • De Basel 4-voorstellen uit 2017 worden gezien als sluitstuk van Basel 3: het internationale toezichtsraamwerk dat bestaat uit een pakket aan maatregelen, genomen na de kredietcrisis in 2008 ter versterking van de kapitaalbuffers van banken. Deze maatregelen zijn al in Europese wetgeving verankerd (Capital Requirements Directive (CRD-4).

  • Uitgangspunt van Basel 4 is dat banken meer gebruik gaan maken van standaardbenaderingen voor de berekening van de hoeveelheid kapitaal en de werking van interne – eigen – risicomodellen wordt beperkt.

  • Een belangrijke nieuwe kernmaatregel is een kapitaalvloer van 72,5%. Banken mogen onder Basel 4 weliswaar een intern risicomodel gebruiken voor het bepalen van de noodzakelijke buffers. Maar die buffer mag uiteindelijk nooit lager zijn dan 72,5% van de standaardbenadering van Basel 4.
  • Op veel Europese banken zal Basel 4 impact hebben. Vooral Noordwest-Europese - waaronder Nederlandse – banken werken bijvoorbeeld vaak met interne modellen. Nederlandse banken hebben bovendien relatief veel laag-risico producten op de balansen staan, zoals hypotheken. De doorwerking van standaardbenaderingen betekent dat banken minder rekening mogen houden in een dergelijke situatie met het laag risicoprofiel van dergelijke producten, met hogere buffervereisten als gevolg.  Nederlandse banken zullen met Basel 4 vanaf 2027 extra kapitaal moeten gaan aanhouden en verder werken aan het verstevigen van hun kapitalisering.
  • Het oorspronkelijke pakket aan maatregelen en eisen is uitgewerkt door het Bazel Comité, een internationaal gezelschap van toezichthouders op de financiële sector. Het Europese pakket aan regels is hier te vinden. 

Reactie Nederlandse Vereniging van Banken (en andere organisaties) op de voorstellen voor de voltooiing van het ‘Basel III international regulatory framework for banks’.

Achtergrondinformatie Basel

Het Basel Comité kwam met hun eerste kapitaalregels die in 1988 in werking traden. Dit was een eerste belangrijke stap om tot mondiale afspraken te komen. Basel I was een eenvoudig niet-risicosensitief raamwerk voor kredietrisico.

Basel 2 is het samenwerkingsakkoord tussen banken: een internationale set standaarden waarmee kapitaal- en andere eisen aan banken worden gesteld. Basel 2 was een stuk risicosensitiever, waarbij banken onder voorwaarden gebruik mochten maken van interne modellen waarbij veel risicofactoren meegenomen konden worden. Het Basel 2-akkoord bevatte naast kredietrisico ook standaarden voor marktrisico en operationeel risico. Basel 2 werd net voor de kredietcrisis in 2006 geïmplementeerd.

Basel 3 is het maatregelenpakket van het Basel Comité om banken robuuster te maken. Buffers en toezicht werden flink aangescherpt. Veel maatregelen zijn inmiddels vertaald naar wetten en regels. De laatste stap van Basel 3 is een herziening van de risicogewichten (‘Basel 4’). Het Basel Comité wil het prudentieel raamwerk eenvoudiger, beter vergelijkbaar en meer risicosensitief maken.

De grootste impact van Basel 4 zit aan de kant van het kredietrisico. Basel 4 stelt aanpassingen voor voor de interne-modellenmethode (IRB) en de standaardmethode (kortweg SA, d.w.z. een soort tabelaanpak voor weging van kredietrisico) – per portefeuille kiest een bank of voor interne modellen of voor de standaardbenadering. Voor de interne modellenbenadering is goedkeuring van de toezichthouder nodig. Beide methodes worden gebruikt door banken om risico’s vast te stellen.

Ook komt er met Basel 4 een outputvloer. Vooral deze outputvloer heeft grote gevolgen voor veel Nederlandse banken. Deze outputvloer stelt een ondergrens aan (‘vloert’) de uitkomsten van de interne modellen op basis van de uitkomsten van de standaardmethode. Hierdoor zullen de uitkomsten van de interne modellen voor vooral de laag-risico assets overschaduwd worden door de minder risicosensitieve standaardbenadering.

Het verschil in het kapitaal dat banken moeten aanhouden voor leningen met een laag risico en leningen met een hoog risico, wordt kleiner. Waardoor de risicosensitiviteit en ook zeker de vergelijkbaarheid juist afnemen. Immers, verschillende risicoprofielen krijgen vergelijkbare kapitaalvereisten. Terwijl de NVB vindt dat vergelijkbare risico’s zouden moeten leiden tot vergelijkbare kapitaalvereisten - en verschillende risico’s tot verschillende kapitaalvereisten.

Bekijk hier de video van Finans Danmark 'Understand Basel IV in 4 minutes'.  

Begrippenlijst

  • Basel Comité: het Basel Committee on Banking Supervision (BCBS) draagt sinds 1988 via diverse akkoorden bij aan de regelgeving over kapitaalstandaarden voor banken. In het BCBS hebben toezichthouders op banken uit de hele wereld zitting.   
  • Kapitaalbuffer: omvat het aandelenkapitaal en de reserves van een bank.
  • Kredietrisico: het risico voor de kredietverstrekker dat de kredietnemer niet kan terugbetalen.
  • Outputvloer: een kapitaalvloer die een ondergrens stelt aan de uitkomsten van de interne modellenbenadering op basis van de standaardbenadering.
  • Prudentieel raamwerk: de set van wetten, regels en standaarden waaraan onder toezicht staande financiële instellingen zich moeten houden, zodat ze over voldoende liquide middelen en kapitaal beschikken, om bij te dragen aan robuuste financiële markten, waarbij de belangen van de verschillende actoren zoals de klanten en de belastingbetaler voldoende gewaarborgd zijn.
  • Uitzettingen: leningen en andere financiële contracten, bijvoorbeeld derivaten.