3 minuten

Basel 3

Strengere liquiditeits- en kapitaaleisen moeten de weerbaarheid van banken vergroten. Het wereldwijde toezichtsraamwerk Basel-3 is in Europese wetgeving verankerd door de zogeheten Capital Requirements Directive (CRD-4). De nieuwe regels dragen volgens de NVB bij aan het herstel van het vertrouwen in de sector.

Highlights
  • Toezichthouders op banken uit de hele wereld - verenigd in het Basels Comité - hebben nieuwe liquiditeits- en kapitaaleisen voor banken voorgesteld. Op die manier moet het risico op opnieuw een grote financiële crisis worden verminderd. 
  • De nieuwe regels stellen onder andere strengere eisen aan de hoogte en de kwaliteit van het kapitaal van banken. Deze eisen - bekend onder de naam Basel-3 - zijn via de Capital Requirements Directive (CRD-4) in Europese wetgeving verankerd.
  • De hogere liquiditeitseisen hebben geleid tot een significante toename van de liquiditeitsbuffers bij banken.  
  • De nieuwe regels vergroten volgens de NVB de financiële stabiliteit en dragen bij aan het vertrouwen in de sector.
Nederlandse banken goed gekapitaliseerd

Sinds het uitbreken van de crisis (2008) hebben Nederlandse banken hun buffers significant versterkt. Hierdoor zijn ze beter in staat onverwachte verliezen op te vangen. Ook beschikken ze over meer liquide middelen waardoor ze ook op de korte termijn aan hun verplichtingen kunnen voldoen. Nederlandse banken doen het in dit opzicht beter dan het Europese gemiddelde en zijn goed op weg om te voldoen aan de vereisten van Basel-3.

Voorstellen kredietrisico/ 'Basel 3.5'

Bazel 3.5 is de informele benaming voor de voorstellen van het Bazels Comité (BCBS) voor aanpassing van de kapitaaleisen voor kredietrisico binnen het Bazel 3 raamwerk. In het Bazels Comité hebben toezichthouders op banken uit de hele wereld zitting. Onderhandelingen over de herziening van Bazel 3 lopen nog. Na een eventueel akkoord in Bazel moeten de voorstellen in de Europese Unie nog worden vastgelegd in Europese richtlijnen.

Gelijke risico’s, gelijke kapitaalseisen

Onder Bazel 3 kunnen risico’s worden vastgesteld op basis van een standaardbenadering (kortweg SA, d.w.z. een soort tabel aanpak voor weging van kredietrisico) of op basis van interne modellen (afgekort IRB). Nederlandse banken bijvoorbeeld, hanteren overwegend de IRB-methode. In het Bazels Comité is voorgesteld om een zogenoemde kapitaalvloer in te voeren die er voor moet zorgen dat de uitkomsten van de standaardbenadering de bodem vormen voor de uitkomsten op basis van de interne modellen. Op die manier zou ongewenste variabiliteit in modeluitkomsten teruggebracht kunnen worden.

Maar door de hoogte van de vloer worden interne modellen buiten werking gesteld. Daarmee dreigen kapitaaleisen ontkoppeld te raken van risico’s van leningen. De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) vindt dit zeer ongewenst. Gelijke risico’s moeten leiden tot gelijke kapitaalvereisten. Als risico’s er niet meer toe doen bij de vaststelling van kapitaaleisen ontstaat een prikkel om meer risico te nemen omdat er meer rendement haalbaar is bij hogere risico’s. Dat vergroot juist de instabiliteit.

Impact op banken en economie

Daarbij zou onverkorte invoering van Bazel 3.5 zeer significante impact hebben op banken met negatieve gevolgen voor de rol die ze kunnen spelen in de financiering van de economie. Dit geldt niet alleen in Nederland maar ook voor andere Europese landen. Eind 2016 stuurde de NVB samen met haar zusterorganisaties uit Duitsland en Frankrijk hierover een brief naar de ministers van Financiën en de centrale bankpresidenten in deze landen. De Europese Bankenfederatie (EBF) bracht eerder de zorgen van banken in Europa over een mogelijke slechte uitkomst onder de aandacht van de voorzitter van het BCBS.

De NVB is voorstander van het verder verbeteren van interne modellen. Maar het is essentieel dat kapitaalseisen voor banken afgestemd blijven op de risico's die banken daadwerkelijk lopen met hun leningen. Een kapitaalvloer doorbreekt dit principe radicaal, met zeer verontrustende gevolgen, zo schreven NVB-voorzitter Buijink en de bestuursvoorzitters van de vier Nederlandse grootbanken onlangs nog in een brief aan president Knot van De Nederlandsche Bank.