Bank en Maatschappij
18 september 2018
2 minuten

Gesprek banken en politiek belangrijk

De bankensector wil zich het komend jaar inzetten om samen met het kabinet maatschappelijk-economische uitdagingen aan te pakken.

Naast de financiering van de transitie naar een meer duurzame economie valt hierbij te denken aan kredietverlening aan het MKB, de digitale weerbaarheid van burgers en bedrijven, en de financiële weerbaarheid van ouderen.

Bovendien, op tal van terreinen werken banken nauw samen met ministeries (ondernemerschap, cybersecurity, criminaliteitsbestrijding, educatie). Banken blijven de samenwerking zoeken en gaan hierover graag in gesprek. In dat kader is de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) benieuwd naar de agenda voor de financiële sector die het kabinet later dit jaar presenteert.

Banken steunen en delen de ambities van het kabinet rond het Klimaatakkoord toe. Zij dragen graag bij aan nieuwe vormen van financiering van de energietransitie. Vermindering van CO2-uitstoot vraagt een intensieve publiek-private samenwerking. Banken zijn daartoe van harte bereid, zo blijkt ook uit hun inzet in de Taakgroep Financiering van het Klimaatakkoord. De Nederlandse Vereniging van Banken steunt de ambitieuze doelstellingen van de aankomende Klimaatwet en ziet ruimte voor versnelling. De NVB zou het een goede zaak vinden als de ‘gebouwgebonden financiering’ snel een wettelijke grondslag krijgt zodat verduurzaming van de eigen woning voor iedereen mogelijk wordt.

Tegelijk blijkt uit de Miljoenennota 2019 dat de lastendruk op banken deze kabinetsperiode aanzienlijk toeneemt. “Terwijl Nederland juist nu een sterke en diverse bankensector nodig heeft om te kunnen innoveren en om een belangrijke rol te vervullen bij de financiering van een groot aantal maatschappelijke opgaven,” zegt NVB-voorzitter Chris Buijink.

Banken hebben te maken met een optelsom van maatregelen. Banken worden als gevolg van enkele maatregelen die specifiek voor hen gelden zwaarder belast dan het overige bedrijfsleven.

Ze betalen al ieder jaar circa € 475 miljoen aan Nederlandse bankenbelasting, terwijl in bijvoorbeeld Duitsland deze belasting is afgeschaft.

In het Regeerakkoord is daarnaast aangekondigd dat voor banken een minimumkapitaalregeling wordt ingevoerd die jaarlijks € 290 miljoen moet opleveren. Daarbovenop kondigde het kabinet in juni onverwacht aan om de vergoeding die banken betalen over converteerbare obligaties vanaf 1 januari 2019 niet meer fiscaal aftrekbaar te maken. De daarmee gepaard gaande lastenverhoging is met ingang van 2019 jaarlijks zo’n € 160 miljoen. In al deze drie opzichten voert Nederland ten aanzien van banken een beleid dat afwijkt van de rest van Europa, waardoor Nederlandse banken sterk in het nadeel zijn ten opzichte van de Europese concurrentie.

Hoewel de effecten voor individuele banken uiteen kunnen lopen, leiden al deze maatregelen tot een opeenstapeling van lastenverzwaringen voor de banken waardoor de effectieve lastendruk op het Nederlandse bankbedrijf ver boven het door kabinet nagestreefde tarief van 22% uitkomt en ver boven het Europese niveau.

De indruk bestaat dat banken die in het kader van Brexit in beginsel interesse hebben zich in Nederland te vestigen, daarvan af zien. ‘Het kabinet zegt het vestigingsklimaat voor het bedrijfsleven te willen verbeteren - zie de discussie over de dividendbelasting. Maar dat geldt blijkbaar niet voor de financiële sector. Daar kiest het kabinet voor verslechtering,’ aldus NVB-voorzitter Buijink.