Sustainable Finance Week in het kort

04 juni 2021
Wat betekent sustainable finance voor Europa, overheden, toezichthouders en spelers in de financiële markt? Waar staan we nu en hoe komen we verder? Om die vragen draait de Sustainable Finance Week (SFW), georganiseerd door de Nederlandse Vereniging van Banken, Stibbe en KPMG. Van elke dag een korte wrap up.

03/06 Prudentiële ESG-risico's & kapitaalvereisten

English

Over het algemeen zijn de klimaatdoelstellingen van 2030 en 2050 ambitieus. Er zijn voldoende middelen beschikbaar, maar er is een allocatieprobleem dat beleidsmakers proberen op te lossen. Het Europese Sustainable Financial Action Plan (SFAP) is een eerste poging dat probleem op te lossen. De risicofunctie bij financiële instellingen heeft hier ook mee te maken. Alle financiële instellingen hebben hard gewerkt om inzichtelijk te maken hoe zij klimaat- en milieurisico's in hun risicobeleid denken te implementeren.
Marco Frikkee (KPMG) geeft aan dat er naar aanleiding van de benchmark van KPMG veel bewustwording is ontstaan die gepaard gaat met uitdagingen. Verschillende soorten van deze risico's zijn complex en met elkaar verbonden en zijn verschillend van aard. Hoe gaan banken die risico’s integreren in hun beleid? Dat is de meest cruciale vraag die moet worden beantwoord.

Zoals in de online poll duidelijk werd, geloven de meeste deelnemers dat er een rol is weggelegd voor prudentiële regelgeving bij het bereiken van de Green Deal-doelstellingen van de EU.
Jochem Wissenburg van het ministerie van Financiën wijst erop dat prudentiële regelgeving deel uitmaakt van een bredere beleidsmix bestaande uit o.a. het Nederlandse Klimaatakkoord en het bredere transparantiebeleid. Er zijn enkele uitdagingen, aangezien er nog steeds geen duidelijke definitie is van wat 'duurzaam' is. Dit is een samenwerkingsproces waarin verschillende visies van 27 EU-lidstaten tot een overeenkomst moeten komen. Afgezien van regelgeving is het een kwestie van gezond verstand dat we meer naar groenere activiteiten moeten streven.

Rens van Tilburg, directeur Sustainable Finance Law, wijst op het belang van mindset bij deze transitie. We besteden te veel tijd aan modelleren en te weinig aan de mindset c.q. benadering van banken. Banken moeten accepteren dat klimaatrisico's simpelweg niet passen binnen bestaande risicomodellen en dat een andere benadering nodig is. Er moeten daarom volgens van Tilburg aannames worden gedaan voor de toekomst. De financiële sector moet echt stappen zetten en de toezichthouders en beleidsmakers meenemen in hun bevindingen. 

Ebbe Negenman, Chief Risk Officer van Knab legt uit hoe zij zijn begonnen met een strategische visie en de scope hebben verbreed: naar niet alleen risicomanagement, maar ook naar het streven om daadwerkelijk impact te bereiken. Het is niet eenvoudig om bepaalde risico's te schetsen, omdat er factoren zijn, zoals demografie, die de economie zullen beïnvloeden. Het is een indirect of ‘staart’-risico om niet aan de verwachtingen van de samenleving te voldoen, omdat dit door harde wetgeving zal worden gevolgd.

Hoofd Klimaatrisico's bij de Rabobank, Marieke Bonekamp, vertelde hoe prudentiële regelgeving zowel intern binnen de Rabobank als binnen de sector heeft geholpen, omdat het de noodzaak onderstreept om meer samen te werken. Banken moeten kennis bundelen met overheden, wetenschappers, etc., want er is snel actie nodig. Hoe langer banken wachten, hoe hoger de eisen van de transitie. Prudentiële kaders moeten echter wel in evenwicht zijn. Het is daarom belangrijk dat er heldere methodologieën zijn. Dit wordt als een uitdaging gezien, omdat data en methoden niet genoeg beschikbaar zijn als het gaat om bepaalde klimaatgerelateerde risico's. Marieke geeft aan dat de Rabobank gebruik maakt van ‘proxies’ op portefeuilleniveau in een poging deze uitdaging te overwinnen.  

Robin Willing, Senior Sustainability Advisor bij NIBC Bank benadrukte de waarde van het heroverwegen van bestaande duurzaamheidskaders en ESG due diligence processen. Maak een interne inventarisatie en onderzoek hoe die kan worden omgezet in kwantitatieve en kwalitatieve gegevens, is zijn advies. Soms worden de percepties van hindernissen zelf hindernissen, maar toch moeten we ze overwinnen. 

Maryse Hazelzet, duurzaamheidsadviseur bij de NVB, sluit de week af. Een paar take always:

  • Ten eerste is het actieplan duurzaam financieren zeer welkom en zal het een grote verandering teweeg brengen in de organisaties. Zoals Wiebe Draijer van de Rabobank aangaf, is het een tektonische beweging. Het moet treugkomen in alle pijlers van de organisatie.
  • Ten tweede moet het actieplan niet alleen een rapportage-instrument zijn. Het creëert ook mogelijkheden om met klanten in gesprek te gaan over transitiepaden. Ook moet rekening worden gehouden met de eindgebruiker als het gaat om duidelijk en helder rapporteren.
  • Ten derde zijn er nog veel uitdagingen, zoals de gegevensuitdaging, de versnippering met nationale richtlijnen en het ontbreken van een wereldwijde rapportagenorm.
  • Tenslotte betekenen al deze onbekenden en uitdagingen niet dat we moeten wachten op verdere richtsnoeren en een pragmatische aanpak moeten volgen. Wij moeten beginnen en zoveel mogelijk samenwerken met de sector, de wetgevers en de toezichthouders. De laatste twee willen graag inzicht krijgen in de praktische uitdagingen waarvoor de sector zich bij de uitvoering gesteld ziet. Op die manier kunnen wij samenwerken om de wetgevingsinitiatieven te bevorderen en een daadwerkelijke verandering teweeg te brengen.

02/06: SFDR from a policy making and regulatory compliance

Het Europese Sustainable Finance Action Plan (2018) geeft wettelijke kaders die helder moeten maken wat ‘duurzaam’ is, opdat investeringen de juiste (duurzame) kant op gaan. Een belangrijke regelgeving is de Disclosure Regulation (SFDR); rapportageverplichtingen specifiek voor aanbieders van beleggingen. SFDR levert voordeel op voor de consument. Maar de snelle invoering van deze complexe regels is geen sinecure, zo ervaren instellingen die moeten voldoen. Hoe kijken (Europese) beleidsmakers en de toezichthouder AFM hiernaar?

Banken verwelkomen de SFDR en hebben al enorm veel werk verzet. Duurzaamheid is inmiddels een intrinsieke waarde in de sector, zo opende NVB-voorzitter Chris Buijink de meeting. Natuurlijk zijn we voor de transparantie en vergelijkbaarheid die de SFDR beoogt. Maar we hebben zorgen over de veerkracht en de volgorde van de wetgevingstrajecten: gaat SFDR echt zorgen voor helderheid voor de consument?”

Is SFDR eigenlijk wel geschikt voor duurzaamheidsrapportages van verschillende typen , uiteenlopende beleggingsproducten? Of is het een one size fits no one? Paul Tang, PvdA-lid van het Europees Parlement en als specialist betrokken bij de SFDR geeft aan dat het inderdaad een breed kader is. Maar je moet ergens beginnen; een uitgewerkt kader duurt jaren en jaren. De SFDR dient meer als instrument gezien te worden. Instellingen zullen op sommige producten niet altijd over data beschikken voor rapportage – het zij zo. Deze transitie is een gezamenlijke reis, geeft Tang aan. Aan de toezichthouder de boodschap om de tijd te nemen om goede richtlijnen te maken: het is aan hen om vereisten op te stellen die voor ieder type belegging nuttig en begrijpelijk zijn.

Uitgesproken kritisch is Victor van Hoorn, executive directeur bij het European Sustainable Investment Forum (Eurosif). Onaf, zo typeert Van Hoorn de SFDR. Er staan nieuwe begrippen in het woordenboek, maar de definities ontbreken nog. Waarbij we moeten oppassen voor fragmentatie, vanwege mogelijke nationale verschillen in uitwerking van de SFDR. Volgens van Hoorn maken nationale toezichthouders, wellicht terecht, gebruik van het gat dat de wetgever heeft laten vallen.  Implementeren is ook volgens Van Hoorn work in progress. Een proces van samen – in Europees verband -  leren en ervaringen opdoen in bijvoorbeeld SFDR productclassificatie. Uiteindelijk zijn het de interne experts die eerlijk moeten kunnen zeggen: dit doet mijn product als het gaat om ESG-doelen.

De SFDR is belangrijk – want onze klanten willen duurzaam beleggen – maar de SFDR-templates zijn voor klanten te lang en behoorlijk ingewikkeld, klanten zijn immers geen duurzaamheidsexperts, geeft Karin Bouwmeester (ABN AMRO) aan in het daaropvolgende panel, met ook Narina Mnatsakanian (Kempen) en Guy Puylaert van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). De toezichthouder wijst onder meer op het belang van klantonderzoek: hoe kunnen we de templates klantvriendelijker maken. Ook is de verdere uitwerking van de richtlijnen vanuit de EC belangrijk. In de wrap-up benadrukte Robert Jan Prins van de NVB nogmaals dat samenwerking, met toezichthouders en wetgevers, waarvan deze dag een voorbeeld is, uiteindelijk tot meer begrip zal moeten leiden.

01/06: EU Taxonomy Regulation and sustainability reporting

De EU Taxonomieverordening en duurzaamheidsverslaglegging – beleidsinstrumenten uit het EU Sustainable Finance Action Plan (SFAP) hebben stevige impact op financiële instellingen en hun stakeholders. De taxonomie omschrijft economische activiteiten met milieuprestatiecriteria. De rapportageverplichting is een eis tot openbaarmaking die als benchmark fungeert. Wat zijn de wettelijke grenzen? Wat betekenen deze beleidsinstrumenten in praktijk en wat zijn de verwachtingen?

De EU Taxonomy bestrijkt niet de hele economie, aldus Nathan Fabian - Chief Responsible Investment Officer / voorzitter bij PRI / European Platform on Sustainable Finance. De taxonomie geeft criteria voor sectoren die een bepaalde footprint hebben. De taxonomie zal leiden tot een herbeoordeling van risico's, waarbij dienstverleners een belangrijke rol zullen spelen, zo sprak Fabian zijn verwachting uit. De taxonomie zal een positief effect hebben op bedrijven die de transitie echt begrijpen, omdat kapitaal op zoek zal gaan naar een groen onderkomen. Het zal een next generation van verantwoord beleggen zijn, besloot Fabian.

Dietske Simons (directeur Finance, Impact and Data FMO) en Hans Biemans (Head of Sustainable Markets ING) verwelkomen de taxonomie. Er wordt gezegd dat de taxonomie een echte drijfveer is en is een echte drijfveer voor verandering, maar de toepassing buiten Europa is ook een echte uitdaging. Er is een geharmoniseerde aanpak nodig. Een groot deel van het EU SFAP gaat over transparantie en rapportage. Transparantie is het begin van verandering en om verandering daadwerkelijk af te dwingen, moet het worden ingebed in alle pijlers van een organisatie.

Er wordt ook onderstreept dat er grote ontwikkelingen geweest zijn op het gebied van duurzaamheidsrapportage. Dit leidde tot fragmentatie en daarom is er dringend behoefte aan stroomlijning en harmonisatie.

Rapportagespecialisten Mark Vaessen (KPMG) en Steven Hijink (Stibbe) bespreken de hoeveelheid rapportageverplichtingen en de noodzaak voor een geharmoniseerde aanpak. Het is belangrijk om een effectief en efficiënt systeem te creëren. Gewoonlijk beginnen verslaggevingsstandaarden algemener en worden ze steeds specifieker. Bij duurzaamheidsstandaarden lijkt het net andersom te zijn. Dit omdat het gaat om sectorspecifieke kwesties. Er wordt gezegd dat nooit eerder in zo’n korte tijd er een ontwikkeling rondom een internationaal rapportage-initiatief gezien werd; dat toont de urgentie ervan aan.

31/05: introductie SFW met ’ESG in de boardroom’

Het EU Sustainable Finance Action Plan (SFAP) heeft grote impact op financiële instellingen. Het gaat om veel meer dan om het implementeren van een set regels, zo openden Rogier Raas en Suzanne Kröner (Stibbe) de eerste, online openingsessie na een welkom van NVB-directeur Eelco Dubbeling. Er zijn veel uitdagingen en onzekerheden, was de boodschap in deze aftrap. Hoe moeten regels worden geïnterpreteerd en wat is proportioneel? Welke gevolgen hebben de regels voor entiteiten die al vrijwillige afspraken maakten ? En moeten corporate governance regels worden aangepast om de SFAP-doelen te halen? Een verschuiving in de bestuurlijke regels is nodig om de dynamiek in de boardroom te veranderen, vonden de meeste toehoorders in een korte poll.

ESG ontwikkelt zich snel en is verweven met de hele bedrijfsvoering. Spreker Wiebe Draijer (CEO Rabobank) gaf aan dat de druk in de boardroom de afgelopen jaren geleidelijk is opgebouwd. De verschuiving naar dwingend recht is zowel beangstigend als noodzakelijk, aldus Draijer. Het oorspronkelijke doel mag er echter niet door worden ondermijnd. Intern afstemmen en samenwerken is belangrijk. ESG gaat verder dan concurrentie; samenwerken waar mogelijk is dus nodig voor een succesvolle transtie, was de boodschap.  

Supervisory Board Member Jacqueline Tammenoms-Bakker stelde dat geen enkele verordening de verantwoordelijkheid van het management zal vervangen. Gemeenschappelijke taal en rapportagestandaarden zijn nodig om deze gezamenlijke taak te volbrengen. Een CEO die betrokken en nieuwsgierig is naar nieuwe ESG-ontwikkelingen, kan een verschil maken. De kernverantwoordelijkheid van het bestuur is om te anticiperen en een 'antenne' naar buiten te hebben om de belangrijkste ontwikkelingen niet te missen. Regelgeving is nodig, betoogden zowel
Tammenoms-Bakker als Draijer, maar moet ook zinvol zijn. Christiaan Rebergen (ministerie van Financiën) wijst op de unieke – want op het poldermodel gebaseerde – Nederlandse situatie.