Spanning loopt op richting Brexit EU-top december

15 november 2017

Hoewel de verzoenende toon van Mays recente speech zorgde voor minder retoriek in het Brusselse Brexit-debat, is er toenemende spanning richting de EU-top in december, aldus Simon Rooze van de Nederlandse Vereniging van Banken. Hoe staat het Brexit-debat er nu voor? En: wanneer komt de financiële sector aan de orde?

Liever met May

Simon Rooze: “Mays speech in september was verzoenend van toon. Dat zorgde voor een minder sterke retoriek in het Brexit-debat. Ook zijn signalen afgegeven door de Europese Brexit-onderhandelaars dat men graag bereid is om tot een goede uitkomst te komen. Europa weet dat er te weinig tijd is voor nóg een Britse verkiezing en een eventuele leiderschapswisseling. Met zo’n mildere toonzetting wil Europa dus vooral laten zien dat ze liever met May praten dan met iemand anders. Daarnaast dringt de tijd ook voor het Verenigd Koninkrijk (VK) zélf. In oktober 2018 moet er een akkoord liggen over de uittreding (maart 2019) en de daaropvolgende transitieperiode (vanaf maart 2019). Het besef dat er snel iets moet gebeuren, is echter beperkt waarneembaar in het Britse publieke debat. Terwijl het Brexit-debat in het VK nog altijd levendig is, was het amper een thema in de recente verkiezingen in Duitsland, Oostenrijk en Nederland. Dit is tekenend voor de verschillende benaderingen van de Brexit-onderhandelingen: terwijl het voor het VK een existentiële vraag is over haar plek in de wereld, is het voor de 27 EU-lidstaten vooral een Brussels institutioneel spel. Het belang van de lidstaten is vooral het verdedigen van de budgettaire en economische belangen en het veiligstellen van de institutionele status-quo.”

Wat is die status quo?

“Op 29 maart 2019 is Brexit D-day, ook wel B-day genoemd. Er wordt nu onderhandeld – ook met Ierland over de grens met Noord-Ierland - over de uittredingsovereenkomst die in oktober 2018 klaar moet zijn. De vraag is nu: wat gaat de Brexit betekenen voor de huidige interne EU-markt. Welke regels gelden er voor en na de Brexit? Hoe wordt de zeggenschap geregeld en welk gerechtshof heeft competentie? Het VK gaf aan niet langer te willen participeren in de interne markt. En in dat geval geldt dat men geen recht heeft op dezelfde voordelen die deze markt biedt. In Brussel is de tendens: of je stapt uit de interne markt of je blijft erin. Europese leiders concludeerden in oktober dat er onvoldoende voortgang is in de onderhandelingen over de financiële verplichtingen van het VK om al door te gaan naar de tweede fase.

Dat zijn de onderhandelingen over de transitieovereenkomst en de toekomstige relatie - iets wat zowel het VK als de EU wil. Zo’n transitieovereenkomst is onderdeel van de uittredingsovereenkomst. Het bevat afspraken over de onderlinge relatie ná de Brexit. Bijvoorbeeld of en hoe lang het VK nog deel uitmaakt van de interne markt of (alleen) van de Douane Unie. 

Als er een transitieovereenkomst komt, biedt deze tijd om te onderhandelen over een nieuw op te stellen handelsverdrag. Dit handelsverdrag biedt mogelijk veel minder rechten dan het VK nu heeft.”

Wanneer komt de financiële sector aan de orde?

“Geen van de lidstaten wil uiteindelijk opdraaien voor mogelijke kosten als gevolg van de Brexit. Vandaar dat alleen ná een gedeeltelijk akkoord op de Britse bijdrage aan het EU-budget, de toekomstige relatie aan bod zal komen. Het besluit over het starten van onderhandelingen over toekomstige relatie is uitgesteld tot de Europese top in december 2017. Dan zijn er nog maar tien maanden over om afspraken te maken over regels voor grensoverschrijdende financiële activiteiten. Er moet namelijk voldoende tijd zijn om een eventueel akkoord te implementeren.”