Preventive law: recept voor bankieren in de 21e eeuw?

24 april 2020
Rechtszaak gewonnen – conflict opgelost zou je denken. Maar doorgaans gaat ook het klantcontact of de vriendschap verloren en daar is niemand blij mee. “Juristen moeten minder snel grijpen naar juridische instrumenten. Maar eerst luisteren naar wat de klant wil bereiken”, aldus jurist Eric van de Luytgaarden over de kern van ‘preventive law’. De Volksbank vroeg Van de Luytgaarden om onderzoek te doen: werken juristen en fiscalisten van deze bank met de menselijke maat?

“Juristen worden van oudsher opgeleid in louter recht en het scheiden van feiten van de juridisch relevante feiten. Maar een rechtszaak gaat nooit over recht alleen”, begint Van de Luytgaarden, onder andere lector bij Zuyd Hogeschool. “In elke zaak spelen ook niet-juridische belangen een rol, zoals financiële, economische en ook emotionele belangen. Preventive law staat voor een nieuwe manier van denken over recht. In het kort: daar waar juristen gewend zijn achteraf zaken te analyseren en problemen op te lossen, wil preventive law juristen leren problemen te voorkomen.”

Luisteren en overleggen

Van de Luytgaarden:  “Daarom leren we onze studenten om te begrijpen waaromheen een conflict zich ontwikkelt. We leren hen om ook niet-juridische aspecten mee te nemen. Dat is nodig, want uit onderzoek blijkt dat ruim de helft van de mensen na het winnen van een rechtszaak niet blij is. Niet zozeer vanwege de juridische procedure zelf – die functioneert prima in Nederland – maar meer vanwege het verlies van bijvoorbeeld het klantcontact of de vriendschap. In plaats van direct grijpen naar een juridisch instrument  – een omgangsverbod, ontruiming etc. – moet een jurist luisteren naar en overleggen met zijn cliënt. Wil die wel een juridische oplossing of wil hij onderliggend (ook) iets anders bereiken? Welke belangen spelen er en is een juridisch instrument wel geschikt om het conflict op te lossen? Bij preventive law zorgen we dat juristen bij elke casus systematisch kijken naar drie zaken: doeloriëntatie, werken op basis van vertrouwen en toekomstgericht werken. Zodat de jurist de cliënt bijvoorbeeld scenario’s kan voorleggen waaruit hij kan kiezen.”

Onderzoek

“De manier waarop Eric naar recht kijkt, sluit goed aan bij de manier waarop de Volksbank werkt”, aldus Sandra Van Loon, directeur general counsel bij de Volksbank. “Namelijk: luister naar de klant. Of zoals wij het noemen: Bankieren met de menselijke maat. Daarom vroeg onze CEO Maurice Oostendorp in 2019 aan Eric om te onderzoeken of onze afdeling Juridische en Fiscale Zaken zich in haar beroepsuitoefening laat leiden door de visie ‘Bankieren met de menselijke maat’ en in hoeverre ze dan preventief werken - juridische problemen voorkomend.”

Van de Luytgaarden: “Zowel de bank als onze onderzoeksgroep Preventive Law (Lucas Lieverse, Koen Savrij Droste en ik) was daar benieuwd naar, en wat dat aan nieuwe inzichten zou kunnen opleveren voor bankieren in de 21e eeuw. Ons onderzoek bestond uit het maken van een beleidsanalyse met de werkgroep ‘Omkeren’ van de Volksbank, waarna deze analyse werd gelegd naast het leerstuk van preventive law. De uitkomsten daarvan werden vervolgens getoetst in interviews met medewerkers van de Volksbank, zowel juristen als niet-juristen en fiscalisten. De laatsten zijn interne klanten van de afdeling Juridische en Fiscale Zaken dus.”

Geen ivoren toren meer

Het onderzoek startte met een aantal voorlichtingsbijeenkomsten over preventive law. Van Loon: “Veel collega-juristen waren toch wel wat gereserveerd. Om niet te zeggen sceptisch. Preventief en creatief werken met de klant centraal, dat doen we toch al? Er is al lang geen sprake meer van opereren vanuit een ivoren toren met een wetboek in de hand. Kijken hoe we het op allerlei vlakken beter kunnen maken voor onze interne en externe klanten – daar waren we al in meegegroeid. Zo zijn bijvoorbeeld onze hypotheekvoorwaarden vereenvoudigd, net als onze arbeidsovereenkomsten. Die beslaan 2 A-4 tjes, en bevatten geen concurrentiebeding. Als jij wat je hier hebt geleerd wilt inzetten om bij de buren te werken, dan gaan we daar geen ruzie over maken.  Doeloriëntatie, vertrouwen in de ander en toekomstgerichtheid zijn uitgangspunten die we zo veel mogelijk meenemen. Preventive law bleek dus goed te passen bij een ontwikkeling die bij onze bank al was ingezet. Maar een blik van buiten op wat goed gaat en wat beter kan richting de business of de eindklant – dat is altijd welkom.”

Van de Luytgaarden: “In de bijeenkomsten benadrukte ik ook dat wij juristen en fiscalisten niet gingen vertellen hoe ze hun werk moesten doen. Nee, doel is kennisuitwisseling en elkaar versterken. Wij als wetenschappers kunnen leren over hoe juristen werken in de financiële sector. En zij kunnen misschien iets meer leren over de principes van preventive law.”

Niet borstklopperig

De onderzoeksresultaten deelde Van de Luytgaarden middels een innovatieve infographic in een bijeenkomst met de Volksbank. Wat waren de bevindingen?  Van de Luytgaarden: “Ten eerste dat er binnen de afdeling Juridische en Fiscale Zaken al veel goede dingen gebeuren, maar dat maar weinig mensen – binnen en buiten de bank – dat weten. Juristen zijn niet borstklopperig, maar dat zouden ze wel meer mogen zijn. Ten tweede is dat we bemerkten dat er veel klassieke beeldvorming is over juristen. Dat vooroordeel werkt versterkend, want als er daadwerkelijk een vraag vanuit de organisatie op het bureau van juristen belandt, is het vaak al helemaal ‘dichtgetimmerd’. Betrek juristen dus eerder bij een casus, was ons advies aan de bank en tot slot: juristen hebben vaak prima ideeën voor de business. Bijvoorbeeld voor de aanpassing van procedures of overeenkomsten, maar juristen komen daarmee niet snel naar buiten. Door onze blik van buiten konden wij zeggen: geweldig idee, daar moet je wat mee doen! Ons advies aan de juristen was dus: stel je nog meer op als business partner. Wees pro-actief met oplossingen, en niet alleen vanuit juridisch perspectief.”

Bevredigend

Twee conclusies waren belangrijk voor ons, aldus Van Loon: “Ten eerste dat wij onszelf meer op de kaart moeten zetten. Dat punt hebben we ter harte genomen en geïntensiveerd. Ten tweede – niet minder belangrijk, maar daar moeten en willen we zeker meer aandacht aan besteden - dat je als jurist en fiscalist ruimte moet houden voor creativiteit in je advies en oplossingen. Wat ook een mooi resultaat is, is dat we sinds dit traject in onze adviezen naar de organisatie expliciet opschrijven: als je Bankieren met de menselijke maat toepast op deze casus, dan moet je deze factoren – welke dat ook mogen zijn - meewegen. Wat ik persoonlijk ervaar, is dat het heel bevredigend is om te werken met de principes van preventive law. Juist, of nota bene in een financiële instelling die extreem gereguleerd is. We kunnen en mogen de principes van preventive law toepassen – hoe gaaf is dat! En als wij het al mogen, dan kunnen andere organisaties het ook.”