Installatiebranche en banken vinden elkaar in duurzaamheidstransitie

27 juni 2018
Geen duurzaamheid zonder techniek. De installatiebranche is de vormgever van de toekomst. Kunnen banken circulariteit een extra zetje geven? Een dubbelinterview met UNETO-VNI-voorzitter Doekle Terpstra en NVB-voorzitter Chris Buijink.

Jullie werden 5 juni door HOMIJ Technische Installaties rondgeleid op het circulaire bedrijventerrein Park 20|20 in Hoofddorp. Hoe was dat?

Terpstra: ‘Geweldig! Eelco Ouwerkerk, manager Transitie en Innovatie van HOMIJ, leidde ons rond en vertelde dat dit misschien wel het verst ontwikkelde gebied is op het gebied van circulariteit en duurzaamheid in West-Europa. Je ziet hier wat techniek doet in een circulaire omgeving. Alles wat te maken heeft met duurzaamheid in de gebouwde omgeving draait om techniek. Op Park 20|20 gebeurt iets wat zijn weerga niet kent.’
Buijink: ‘Het park is met zonnecollectoren en warmte-en koudeopslag helemaal zelfvoorzienend in energie, ze zijn van het gas af, het regenwater wordt opgevangen en hergebruikt om de toiletten te spoelen. Daarbij is het park heel groen en strak, cool en hip. Je loopt op Park 20|20 de toekomst binnen. En het mooie is dat Park 20|20 laat zien dat circulair bouwen zichzelf wel degelijk kan terugverdienen.’

Tot welke nieuwe inzichten leidde dit?

Buijink: ‘Mijn beeld bij UNETO-VNI was toch nog dat van de busjes die door het land rijden om ergens bij een huis een cv-ketel op te hangen. Op Park 20|20 zie je een installatiebedrijf dat frontrunner is in innovatie. HOMIJ is een echte partner in de ontwikkeling van het park en zorgt ervoor dat het allemaal draait.’
Terpstra: ‘Ja, dat imago van het busje en het laddertje en het keukenkastje is hardnekkig voor onze sector. Terwijl onze leden dus ook bezig zijn met projecten als Park 20|20, met grote windparken op zee, met dé energievragen van de toekomst. Je ziet dat de aard van bedrijven in onze sector heel erg aan het veranderen is. Het draait nu, zeker wanneer het gaat om duurzaamheid, om de ontwikkeling van concepten. Installateurs zijn technische architecten en daarmee spelbepalers aan het worden. Zonder deze sector gaat het gewoon niet lukken om onze grote maatschappelijke doelstellingen op het gebied van duurzaamheid of de klimaatagenda te halen. Installatiebedrijven zijn de vormgevers van de toekomst.’

Tekst loopt door onder de foto

Doekle Terpstra en Chris Buijink

Doekle Terpstra en Chris Buijink

 

Wat zijn de uitdagingen voor de installatiesector in de nabije toekomst?

Terpstra: ‘De grootste uitdaging ligt op de arbeidsmarkt. We moeten de komende jaren duizenden mensen binnenhalen of omscholen naar het werken met duurzame technieken.’
Buijink: ‘Om uitvoering te geven aan de afspraken uit het klimaatakkoord hebben we de technici van de installatiebranche inderdaad hard nodig. Financiering is niet meer de eerste zorg van de branche. Het gaat om mensen, mensen, mensen!’

Wat kunnen de bankensector en de installatiebranche/technische detailhandel van elkaar leren?

Buijink: ‘Beide sectoren moeten er voortdurend op gespitst zijn zich te vernieuwen. Je propositie spreekt niet vanzelf. Je moet voorop willen lopen, waarbij het uitgangspunt is dat je er niet voor jezelf bent maar om je klanten beter van dienst te zijn. Dat vraagt dat je de manier waarop je werkt en de talenten die je nodig hebt om dat werk te doen voortdurend in dat licht moet vernieuwen.’
Terpstra: ‘We willen vormgever zijn van maatschappelijke transitie. Het zou de moeite waard zijn om na te denken over de vraag of we elkaar daarin kunnen vinden: hoe kunnen banken en technisch dienstverleners elkaar versterken in het vormgeven van deze maatschappelijke transitie? Het komt aan op een open mindset. We moeten niet defensief zijn wat betreft de duurzaamheidsagenda. Klanten van banken hebben steeds meer behoefte aan een bank die zich maatschappelijk engageert.’

Hoe ziet het verdienmodel van de sector er in de toekomst uit?

Terpstra: ‘Dat is de grote vraag. We moeten nadenken over verdienmodellen van de toekomst. We zijn als Willy Wortels aan het uitvinden hoe we kunnen optimaliseren, verbeteren. We leven in een disruptieve periode en dat is voor de banken niet anders. Duurzaamheid verdient zich vaak pas terug op de lange termijn. Er liggen uitdagingen en vraagstukken voor de banken: kunnen we volstaan met arrangementen die we hebben of moeten we op een andersoortige manier tot proposities komen? De vraag stellen is hem beantwoorden.’
Buijink: ‘Ja, zo is het. We denken als sector na over nieuwe producten, zoals gebouwgebonden financiering, die bijdragen aan de verduurzaming. Ook voorlichting is belangrijk. We moeten zorgen dat accountmanagers van banken goed kunnen adviseren aan klanten. Daarvoor moet je de duurzaamheidskansen en -risico’s goed kunnen inschatten. Als banken willen we de duurzaamheidsvoetafdruk van onze financieringen laten zien. Niet alleen in Nederland, maar ook in Europa kunnen we bijdragen aan de verduurzamingsopgave.'

Wat nemen jullie naar aanleiding van dit bedrijfsbezoek mee naar jullie eigen organisaties?

Buijink: ‘De toekomst is nu! Dat zie je bij zo’n bedrijf als HOMIJ heel sterk en zo moet je ook naar je eigen organisatie en je eigen sector kijken. De toekomst is nu: welke bijdrage kan jouw organisatie, jouw team daaraan leveren? Park 20|20 is een inspirerende icoon van de kant die we op moeten.’
Terpstra: ‘We mogen best wel wat trotser zijn op de sector. En meer laten zien hoe we van onderaannemers veranderen in spelbepalers die een duurzame toekomst helpen vormgeven. Dat gaat de sector ook op de arbeidsmarkt veel aantrekkelijker maken.’