Gaat ‘financiële bijsluiter’ de consumenten beschermen?

23 oktober 2019
Onlangs organiseerde de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) samen met Dufas (belangenorganisatie van belangenvereniging van vermogensbeheerders en beleggingsinstellingen) het seminar “PRIIPs Consumentenbescherming door informatievoorziening (?)”. De bijeenkomst draaide om de vraag: zijn financiële bijsluiters ook daadwerkelijk effectief om consumenten te beschermen? Een blik vanuit wetenschap en gedragspsychologie bleek voer voor discussie.

De bijeenkomst startte met de inzichten van Carien de Jager, universitair docent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de Rijksuniversiteit Groningen. De Jager onderzocht in Europees verband de effectiviteit van financiële bijsluiters bij complexe financiële producten. Haar conclusies: financiële bijsluiters zijn maar beperkt effectief om consumenten te beschermen. Consumenten vinden ze onder meer te ingewikkeld of te lang en ze zijn lastig vergelijkbaar. De doelstellingen van het KID (Key Information Document) worden daarom niet of nauwelijks gehaald en de overheid verwacht daarom te veel van de informatiedocumenten. De Jager noemde dit de ‘vicieuze beleidscirkel’: in het begin is het doel om producten begrijpelijk en vergelijkbaar te maken, maar na verloop van tijd ontstaat altijd hetzelfde probleem. Mensen vinden het niet begrijpelijk. Vervolgens wordt het document aangepakt, met weer datzelfde doel: een product begrijpelijk en vergelijkbaar maken. Zorg voor een logische opbouw, een meer visuele weergave en begrijpelijker taalgebruik zonder jargon, waren de aanbevelingen van De Jager.

Consumenten informeren: hoe werkt het (wel)?

Gedragspsycholoog Astrid Groenewegen (gedragspsycholoog en co-founder van SUE Behaviour Design) is vervolgens ingegaan op wat (wél) zou kunnen werken. Nudging, oftewel een wetenschappelijk onderbouwde methodes om consumentenkeuzes te beïnvloeden, nam een centrale rol in binnen haar verhaal. Daarvoor gaf Groenewegen een fascinerend kijkje in het brein van de consument die staat voor complexe (financiële) keuzes. De consument kiest voor gemak, aldus Groenewegen, en financiële instellingen kunnen hen helpen bij het maken van keuzes. Keuzepsychologie is de sleutel voor financiële instellingen: 98% van de keuzes worden emotioneel, onbewust en automatisch gemaakt. Slechts 2% van de beslissingen worden dus rationeel gemaakt. Maak informatie behapbaar en speel in op de 98% door situaties herkenbaar te maken voor consumenten.

PRIIPs: een paneldiscussie

Bankier en fondsbeheerder gingen vervolgens in gesprek over nut en noodzaak, maar ook over de complexiteit van het huidige PRIIPs-informatiedocument (PRIIPs staat voor: Packaged Retail and Insurance based Investment Products). Het panel werd gevormd door Marjolein Breeuwer, Head of Investments InsingerGillissen, Mark van der Wel, Business Expert Investments ABN AMRO, Mark Koster, Productmanager Kempen Capital Management en Carien de Jager. Er was discussie over de vergelijkbaarheid van producten (‘complexe producten zijn in beginsel niet eenvoudig met elkaar te vergelijken’) en over nudging (‘is dat eigenlijk ethisch?’). Wat zouden fondsbeheerders willen verbeteren als het KID helemaal opnieuw ontworpen zou mogen worden? Panelleden vonden informatie over kosten en beleggingsdoel prima informatie om op te nemen. De omstandigheid dat de KID kort en bondig is, werd ook als goed ervaren.

Bankier en fondsbeheerder gingen vervolgens in gesprek over nut en noodzaak, maar ook over de complexiteit van het huidige PRIIPs-informatiedocument (PRIIPs staat voor: Packaged Retail and Insurance based Investment Products). Het panel werd gevormd door Marjolein Breeuwer, Head of Investments InsingerGillissen, Mark van der Wel, Business Expert Investments ABN AMRO, Mark Koster, Productmanager Kempen Capital Management en Carien de Jager. Er was discussie over de vergelijkbaarheid van producten (‘complexe producten zijn in beginsel niet eenvoudig met elkaar te vergelijken’) en over nudging (‘is dat eigenlijk ethisch?’). Wat zouden fondsbeheerders willen verbeteren als het KID helemaal opnieuw ontworpen zou mogen worden? Panelleden vonden informatie over kosten en beleggingsdoel prima informatie om op te nemen. De omstandigheid dat de KID kort en bondig is, werd ook als goed ervaren.

Minder positief was men over de prestatiescenario’s. Er wordt bij prestatiescenario’s te veel gewerkt met een ‘one size fits all’ benadering. Fondsbeheerders zijn minder positief om in verleden behaalde resultaten als uitgangspunt te nemen voor toekomstige prestatiescenario’s in de KID. Ook kwam de kosten-baten analyse naar boven. De financiële industrie moet veel inspanningen doen om de PRIIPs KID te maken, terwijl blijkt dat consumenten de PRIIPs KID toch niet veel lezen. De documenten aan iedere fondsbelegger verstrekken in advies en execution only leidt volgens distributeurs in veel gevallen tot een ‘information overload’. Maar ook panelleden gaven aan de PRIIPs KID niet te willen afschaffen: er zijn altijd consumenten die er wel baat bij hebben. In het kader van MiFID Product Governance kan het KID ook een belangrijke rol spelen in de beleggingsketen tussen productaanbieder en distributeur. Het afschaffen van (complexe) risicovolle producten werd niet ondersteund door banken: ‘belangrijker is om naast het verbeteren van het PRIIPs Eid meer te doen aan educatie en bij de onboarding te testen of de klant ook daadwerkelijk de informatie begrijpt waarin hij of zij belegt’. Distributeurs benadrukten ook dat er kennis- en ervaringstoetsen in het leven geroepen zijn om klanten te wijzen op bepaalde risico’s. Het volledig afschaffen van bepaalde producten zou betekenen dat ook zij die de risico’s aanvaardbaar vinden hier niet meer in kunnen beleggen. Dat is niet wenselijk.

PRIIPs in de toekomst; een vooruitblik op de Europese ontwikkelingen in het kader van PRIIPs

In het najaar van 2019 doen de Europese toezichthouders voorstellen voor herziening van de PRIIPs-uitvoeringswetgeving. Maar worden daarmee de grootste struikelblokken voor banken en fondsbeheerders ook daadwerkelijk verholpen? En hoe kunnen banken hun stem laten horen?  Robert Jan Prins (NVB) en Randy Pattiselanno (DUFAS) besloten de bijeenkomst met een ‘wrap-up’ en verwezen naar de consultatie van de Europese toezichthouders over de herziening van PRIIPs. De herziening van PRIIPs is voor distributeurs met name interessant in het kader van de berekeningen van impliciete transactiekosten en het laten zien van prestatiescenario’s. Ook zal de NVB – net als in eerdere stadia -  flexibiliteit in het verstrekken van de PRIIPs KID bepleiten.

Dit artikel is mede gebaseerd op het artikel van Fondsnieuws over het NVB/DUFAS seminar PRIIPs: consumentenbescherming door informatievoorziening(?), gratis toegankelijk voor Fondsnieuws-leden via Fondsnieuws.nl.