“Duurzaamheid vraagt om durf en dromen, ook bij financiers”

30 juni 2020
De broeders van de Abdij Onze Lieve Vrouw van Koningshoeven brouwen bieren van La Trappe Trappist een flink stuk duurzamer. Dit dankzij de Biomakerij - de plantenkas die het afvalwater van de brouwerij zuivert. Dit ingenieuze systeem werd gefinancierd met een groene financiering van de bank. Duurzaamheid vraagt om durf en dromen, óók bij financiers, aldus broeder Isaac, prior van de abdij.

Broeder Isaac: “We brouwen al vanaf eind negentiende eeuw. Niet zozeer om geld te verdienen. Maar eenvoudigweg omdat er geen drinkwatervoorziening was. Iedereen dronk 3%-bier, ook kinderen. Tot circa 20 jaar geleden bestierden wij de hele brouwerij zelf. Nu werken we samen met een professionele brouwerij. Die geven we wekelijks de opdracht om te brouwen. Maar de abdij is nog steeds eigenaar van onder andere de gebouwen, de gronden en de receptuur.”

Duurzaamheid is al heel lang belangrijk voor de monniken, aldus broeder Isaac: “Want hoe kun je dagelijks God in de kerk loven en prijzen voor Zijn schepping, en buiten de kerk Zijn schepping vervuilen? Duurzaamheid vraagt om moed. Om het maken van een statement. Zo liggen er ondanks de monumentale status van ons pand al heel lang zonnepanelen op. We rijden ook elektrisch, een benzineauto is voor ons al lang geen optie meer. Onze nieuwe gebouwen zijn allemaal duurzamer gebouwd. En de brouwerij wist weliswaar het aantal benodigde liters water voor 1 liter bier behoorlijk terug te brengen. Maar de vraag bleef: wat doen we met het afvalwater van de brouwerij?”

De P van Passion en Profoundness

“Wij monniken namen het initiatief voor een oplossing voor dat afvalwater. We zagen bij een Hongaars bedrijf een circulaire waterzuivering. Geen chemicaliën, maar bacteriën in bedden van plantenwortels zorgen dat het afvalwater gezuiverd wordt teruggebracht in het domein van het klooster, wat ook de verdroging van deze streek tegengaat. De warmte van het afvalwater gebruiken we onder andere voor verwarming van het gebouw en de winkel, met een warmtepomp.  Van het (schone) slib dat resteert, maken we mest voor op het land.”

“Maar we zijn er nog niet. Helemaal circulair is onze droom. In 2024 wil de abdij in elk geval Co2 en stikstofvrij zijn. Samen met twee universiteiten onderzoeken we bijvoorbeeld hoe we van dat gezuiverde water drinkwater kunnen maken. Niet om mee te brouwen – het water voor het bier komt uit een diepe bron. Van het slib willen we een biovergasser maken, zodat we van het gas af kunnen. En zo lopen er nog tal van initiatieven, grote en kleine. Duurzaamheid is echt een manier van denken. Dat vraagt veel zendingswerk, want duurzaamheid is bij sommige partijen nog slecht ontwikkeld. People, Planet, Profit – daar moet volgens mij nog een vierde P bij. Van Passion of Profoundness. Want vergroenen vraagt om passie, moed en volharding.”

Gezicht bij de bank

“Onze waterzuivering betaalden we hoofdzakelijk uit eigen zak; er was nauwelijks subsidie. Voor aanvullende financiering nodigde ik de bank – ING Groenbank in dit geval – uit op onze abdij – wij monniken komen immers niet buiten. Ik wilde ‘een gezicht’ hebben bij de bank. De bank adviseerde ons hoe we twee lopende hypotheken op de brouwerij konden onderbrengen in één financiering voor ook de waterzuivering. Een ‘groene financiering’, waarvoor de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) een groenverklaring afgaf.”

“Deze coronaperiode zorgde natuurlijk voor een stagnering in de leveringen en in onze inkomsten. Dat was worstelen, want bedrijven bleken weinig toegeeflijk. De bank adviseerde ons toen om niet te lenen, maar om tijdelijk minder te beleggen. Ik kan op de bank rekenen als ik ze nodig heb. Ik ervaar dat mijn moed om te investeren wordt beloond bij deze bank. Ze luisteren naar mijn vragen en delen mijn zorgen. Mijn tip voor andere duurzame ondernemers? Zorg dat je bij je bank een goede accountmanager krijgt. Steek energie in die relatie en dan wordt heel veel mogelijk.”