1,5 meter-economie: bijna 90% kan (in theorie) doorgaan

13 mei 2020
Wat is de omvang van de 1,5 meter-economie in Nederland? Hoe reken je de impact uit? Rabo Research economen Jesse Groenewegen en Sjoerd Hardeman namen twee Amerikaanse onderzoeken als uitgangspunt en maakten een eerste inschatting. “Bijna 90% van de Nederlandse economie kan in theorie op 1,5 meter draaien”, denkt Groenewegen. “43% zelfs volledig vanuit huis.”

Binnen ons Team Regio’s en Thema’s onderzoeken mijn collega Sjoerd Hardeman en ik de ‘drivers’ van bedrijfsprestaties. Dus: wat maakt bedrijven succesvol, begint Groenewegen. “Op dit moment is de 1,5 meter-economie natuurlijk uiterst actueel. Wat betekent die voor de Nederlandse economie? Voor zover ik weet is dat nog niet onderzocht. Wel in de Verenigde Staten. We bundelden twee onderzoeken: één keek naar het percentage werkenden dat thuis kan werken, en één naar het percentage werkenden dat dichtbij anderen moet werken. Combineer je dat, dan krijg je drie groepen werkenden binnen de 1,5 meter-economie: thuiswerkers, niet-thuiswerkers die op 1,5 meter afstand kunnen werken én niet-thuiswerkers die niet op 1,5 meter afstand kunnen werken. Dan krijg je inzicht in welk deel van de banen in Nederland thuis of op minstens 1,5 meter afstand kan worden uitgeoefend.”

Omzet per sector

Groenewegen: “Bijna negentig procent (89%) van de economische activiteit in Nederland kan met ten minste 1,5 meter afstand plaatsvinden, waarvan 43% helemaal vanuit huis. Kijk je naar sectoren, dan is thuiswerk vooral mogelijk in de ICT, specialistische zakelijke dienstverlening en bij financiële instellingen. In de landbouw, bouw en industrie is thuiswerken vrijwel onmogelijk; wel kan er vaak op 1,5 meter worden gewerkt. Circa 10% van de Nederlandse economie kan niet op 1,5 meter afstand plaatsvinden. Het gaat dan vooral om de horeca, zorg en overige dienstverlening.”

“Overigens staan de percentages van 89% en 43% niet voor de percentages mensen die wel of niet kunnen thuiswerken; de omzet per sector is meeberekend. Want in sommige sectoren wordt (per werkende) nu eenmaal meer omgezet dan in andere, bijvoorbeeld in de financiële dienstverlening en specialistische zakelijke dienstverlening, zoals de advocatuur. Je kijkt dus ook naar de hoeveelheid economische toegevoegde waarde per sector.”

Tekst loopt door onder beeld

Rabobank Research economen Jesse Groenewegen (l) en Sjoerd Hardeman

Veiligheidscultuur

Of dit onderzoek inzicht geeft in de verliezen voor de Nederlandse economie, daarover valt volgens Groenwegen nog niets te zeggen: “Enerzijds komt dat doordat je nu al ziet dat bepaalde beroepsgroepen  - zoals kappers – weer aan de slag mogen. Anderzijds omdat ons onderzoek alleen maar kijkt naar de aanbodzijde: welk werk kan nog worden uitgevoerd in de 1,5 meter-economie? Dat betekent nog niet dat de consument die diensten of producten ook echt gaat afnemen. Misschien doen ze dat niet - of minder - uit veiligheidsoverwegingen. Of omdat het financieel niet kan. Ons onderzoek is een eerste grove schatting van de aanbodkant; een steuntje in de rug voor economische ramingen.”

“Andere onzekerheid is ook dat niet alle sectoren – als ze weer aan het werk kunnen – even ver zijn in het inrichten en naleven van veiligheidsprotocollen op de werkplekken. In de industriële sector bijvoorbeeld is men gewend aan protocollen. Daar heerst een echte veiligheidscultuur. Maar hoe doe je dat in de bouw of kantoor? Ons onderzoek geeft aan dat in principe – met de nadruk op ‘in principe’ – bijna 90% van de economische activiteit veilig binnen de 1,5 meter-economie kan plaatsvinden. Of dat ook gebeurt, hangt af van de mens zelf. Wat je nu bijvoorbeeld ook ziet, is dat men in bepaalde sectoren heel creatief is. Bijvoorbeeld de kappersbranche die deze week weer aan de slag mag.”

Bank als kennismakelaar

Groenewegen: “Deze situatie is helemaal nieuw. Er is dus grote behoefte aan cijfers. Als bank gebruiken we deze cijfers in allerlei ramingen voor onze klanten. Maar dit eerste onderzoek bleek ook interessant voor beleidsmakers. We hebben het onder meer gepresenteerd aan hoofdeconomen van verschillende miniseries. We pakken als bank daarmee onze rol in het maatschappelijk debat. De rol van banken op weg naar de 1,5 meter-economie zit wat mij betreft in de brede kennis van sectoren die banken hebben. Banken zijn toch een soort kennismakelaars die in hun netwerken kennis kunnen overdragen van de ene sector naar de andere.”

Kijk voor het hele onderzoek op: economie.rabobank.com