Round Borders
Round Borders
Round Borders

Veiligheid

 

 


­Beleidsregel Integriteitsbeleid ten aanzien van zakelijk vastgoed

Op 17 februari 2011 is de DNB Beleidregel Integriteitsbeleid ten aanzien van zakelijke vastgoedactiviteiten in werking getreden. De beleidsregel verplicht financiële instellingen het integriteitsbeleid van bedrijven actief op de zakelijke vastgoedmarkt te beoordelen.

DNB rekent vastgoed al een aantal jaren tot één van de speerpunten binnen het integriteittoezicht en vindt dat een zakelijke vastgoedactiviteit naar haar aard een hoger risico op fraude en witwassen met zich meebrengt. Dit wordt onder andere toegeschreven aan de relatief hoge waarde van vastgoedobjecten, de vaak ondoorzichtige prijsvorming en de complexiteit van de transacties.

Om concrete invulling te geven aan art. 4 van de beleidsregel zijn door de NVB vragenlijsten ontwikkeld, die door financiële instellingen in het cliëntenonderzoek gebruikt kunnen worden.

Hieronder zijn de betreffende vragenlijsten opgenomen:


Links:

Dnb.nl/Beleidsregel Integriteitbeleid ten aanzien van zakelijke vastgoedactiviteiten


­Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (wwft)

Per 1 augustus 2008 is de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (wwft) van kracht. Hiermee zijn de Wet Melding Ongebruikelijke Transacties MOT en de Wet Identificatie bij dienstverlening (Wid) samengevoegd in één wet en aangepast aan de 3e Europese anti-witwasrichtlijn. Een van de belangrijkste wijziging in deze wet is de introductie van het cliëntonderzoek, waarin identificatie en Customer due diligence (CDD) zijn samengebracht. Hoe ver het cliëntonderzoek gaat, hangt met name af van het risico dat een bepaald type client, relatie, product of transactie met zich meebrengt.

Meldplicht
Ongebruikelijke transacties die verband kunnen houden met witwassen en/of terrorismefinanciering dienen gemeld te worden aan het FIU-NL (Financial Intelligence Unit - Nederland). De meldplicht is daarbij gekoppeld aan de instelling.
Hieronder vindt u de zogeheten indicatorenlijst:

Objectieve indicatoren:

  • B0510100 Transacties met (rechts)personen die zijn gevestigd in landen of gebieden, die door de Minister van Financiën en de Minister van Justitie zijn aangewezen als onaanvaardbaar risico voor witwassen of terrorismefinanciering.
  • B0510111 Transacties die in verband met witwassen aan politie of justitie worden gemeld, moeten ook aan het Meldpunt worden gemeld.
  • B0510133 Contante transacties met een waarde van 15.000 of meer waarbij contante omwisseling in een andere valuta of van kleine naar grote coupures plaatsvindt.


Subjectieve indicator:

  • B0510211 Transacties waarbij aanleiding is om te veronderstellen dat ze verband kunnen houden met witwassen of financiering van terrorisme.


Guidelines
(aangepast 30-06-2010)
Als hulpmiddel voor de subjectieve indicator heeft de Nederlandse Vereniging van Banken algemene guidelines opgesteld. Doel van de guidance is om bancaire medewerkers bruikbare handvatten te geven voor de beoordeling van transacties. Periodiek wordt dan ook bezien of de guidelines nog voldoen of moeten worden aangepast. Deze guidelines zijn gebaseerd op een analyse van meer dan honderd internationale witwaszaken en geven in hoofdgroepen een beeld van relevante vragen en aandachtspunten. De beschreven situaties zijn puur bedoeld als aandachtsvestiging voor een nadere beoordeling en zijn geen objectief gegeven.

Links

 


­Bestrijding hypotheekfraude

Met het SFH-systeem kunnen financiële instellingen toetsen of bepaalde (rechts)personen bij de eigen instelling dan wel collega-instellingen hebben gefraudeerd dan wel pogingen tot fraudes hebben ondernomen. Het gaat hierbij om de verstrekking van hypotheken.
Meer informatie vindt u op: stichtingfraudebestrijdinghypotheken.nl


­Veilig bankieren

Het betalingsverkeer in Nederland is één van de meest efficiënte en daardoor goedkoopste in de wereld. Dat komt door de traditionele samenwerking op het gebied van standaarden en infrastructuur. Maar er bestaat een spanningsveld tussen samenwerking en concurrentie. Lees verder